Dierwetenschappelijk Onderzoek

BPRC Hematologie

Het onderzoeksprogramma van de afdeling voor dierwetenschappen is hoofdzakelijk gericht op de gezondheid van de kolonies en ter ondersteuning van de onderzoeksprogramma's van de andere afdelingen. Hiervoor beschikt deze afdeling over laboratoria voor hematologie, klinische chemie, klinische microbiologie en histologie/pathologie. Deze laboratoria zijn vergelijkbaar met de laboratoria in elk goed toegerust ziekenhuis.

Een voorbeeld van een doorlopend project is het bepalen van 'normale waarden' (hematologie en klinische chemie) voor verschillende primatensoorten. Dit is belangrijk omdat deze normale waarden als referentiepunten fungeren bij de jaarlijkse medische controles die op alle dieren worden uitgevoerd door ons team van dierenartsen. Het instellen van normale waarden is ook van belang voor alle dieren die deelnemen aan een onderzoek. Elke afwijking van de normale waarden geeft aan dat er iets aan de hand is waarvoor speciale aandacht is vereist.

BPRC Klinische chemie

Laboratorium voor klinische chemie

De afdeling voor dierwetenschappen houdt zich ook bezig met een reeks doorlopende projecten waarbij de microbiologische status van afzonderlijke dieren wordt bijgehouden en spontaan optredende ziekten in de kolonie worden geëvalueerd. Bij deze projecten spelen de 'achtergrondpathologie' in de kolonie en de disciplines microbiologie en histologie/pathologie een centrale rol. Spontaan optredende ziekten bij dieren kunnen soms als onderzoeksmodellen voor ernstige menselijke ziekten worden gebruikt.


Divisie Pathologie en Microbiologie

BPRC Microbiologie

De taken van deze divisie zijn verdeeld in 3 aandachts gebieden:

  1. Diagnostische Pathologie
  2. Experimentele Pathologie
  3. Microbiologie

De diagnostische pathologie omvat necropsie, biopten en diagnose van zieke dieren in de BPRC kolonie en op verzoek histologische studies en diagnose van verschillende diersoorten voor externe partijen (muis, rat, niet-humane primaat). De experimentele pathologie ondersteunt de onderzoeksprojecten van het BPRC die gebruik maken van niet-humane primaten met specifieke wetenschappelijke expertise en het voorzien van weefsels en diagnostiek. Het microbiologische laboratorium is gespecialiseerd in het monitoren van de intestinale en respiratoire microflora van niet-humane primaten en het identificeren van mogelijke bacteriën bij zieke dieren. De afdeling is daarnaast ook contact voor de niet-humane primaten weefselbank van het BPRC.

Huisvesting en Verrijking

Andere belangrijke projecten die momenteel worden uitgevoerd zijn de ontwikkeling en implementatie van methoden waarmee de leefomgeving van de dieren kan worden verrijkt. Hieraan gekoppeld is een programma voor de socialisatie van dieren die in het verleden solitair zijn ondergebracht. Het beleid van het BPRC is dat alle dieren in sociale groepen moeten worden gehuisvest, tenzij solitaire huisvesting strikt noodzakelijk is voor het project (en dit wordt vastgesteld door de Dierexperimentencommissie).

Het BPRC heeft zich ten doel gesteld dieren waar mogelijk sociaal te huisvesten. Inmiddels is dit doel gerealiseerd door de oplevering van de nieuwe dierverblijven (zie herbouw BPRC).

Het is moeilijk om dieren die gewend zijn aan solitaire huisvesting in sociale groepen te plaatsen. Het is niet mogelijk om dieren willekeurig bij elkaar in een kooi te zetten. De dieren gaan dan vechten en kunnen elkaar ernstig verwonden in hun strijd om de 'pikorde' te bepalen. Het socialisatieproces moet geleidelijk en zeer zorgvuldig worden uitgevoerd. Tijdens dit proces worden de dieren constant geobserveerd. Socialisatie vindt plaats onder toezicht van een etholoog (een gedragsdeskundige) en heeft al geleid tot een aantal stabiele fokgroepen. Deze groepen zijn gehuisvest in grote buitenverblijven die vrije toegang tot binnenverblijven bieden.