Proefdierbeleid

Het BPRC is een wetenschappelijk instituut dat verkennend en toegepast biomedisch onderzoek verricht. Het doel van het verkennend onderzoek is verdieping van de kennis over het ontstaan en het beloop van ernstige ziekten. Het doel van het toegepast onderzoek is een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van nieuwe medicijnen of behandelingen voor ernstige ziekten. Om de onderzoekstaken goed te kunnen uitvoeren is in een aantal gevallen onderzoek met proefdieren noodzakelijk.

Het BPRC onderschrijft het belang van de 3 V's (vermindering, verfijning en vervanging) en beperkt derhalve het voor het onderzoeksprogramma benodigde aantal proefdieren tot het minimum. Dit onderzoek wordt uiteraard zorgvuldig uitgevoerd binnen de wettelijke kaders van de Wet op de Dierproeven en de Europese richtlijnen.
Daarnaast is het BPRC een groot voorstander van het gebruik van alternatieven voor dierproeven en beschouwt het ontwikkelen van deze alternatieven dan ook als onderdeel van haar missie.

Het BPRC is zich zeer bewust van de maatschappelijke discussie over het gebruik van proefdieren. Daarom heeft het BPRC naast de wettelijke voorschriften een aanvullend eigen proefdierbeleid ontwikkeld.

  1. Het beleid van het BPRC is dat het onderzoek met proefdieren zich richt op ziekten die een ernstige bedreiging vormen voor de volksgezondheid. Er worden dus geen proefdieren gebruikt voor onderzoek dat op commerciële basis is gestoeld (contract-research) en voor onderzoek dat niet past in de missie van het BPRC.
  2. Het BPRC heeft fokkolonies die voldoende dieren moeten voortbrengen om import uit verre landen, zoals China, onnodig te maken. Dit voorkomt dat dieren over lange afstanden een stressvol transport moeten ondergaan.
  3. De politiek van het BPRC is om alle dieren, dus ook dieren in experiment, sociaal te huisvesten en optimaal van omgevingsverrijking te voorzien; dit o.a. om stereotyp gedrag te voorkomen. Daarnaast heeft het BPRC een programma waarbij de dieren d.m.v. positief belonen getraind worden, zodat stressveroorzakende handelingen zoveel mogelijk kunnen worden vermeden.
  4. Het beleid is er op gericht om zoveel mogelijk informatie per proefdier te krijgen bij een zo min mogelijke belasting voor het dier zelf. Het BPRC investeert ook via het eigen strategisch onderzoek in alternatieven voor proefdieren.