Home Nieuws Politiek ontbijt investeren in onderzoek, preventie en vaccinatie

Politiek ontbijt investeren in onderzoek, preventie en vaccinatie

Geplaatst op 11-3-2026 , in categorie Nieuws
nb politiekontbijt

Hoe kan Nederland zich beter voorbereiden op nieuwe infectieziekten en pandemieën? En waarom blijft investeren in preventie lastig, terwijl vaccinaties aantoonbaar levens redden? Die vragen staan deze woensdag centraal tijdens het politiek ontbijt Aan de slag met preventie: vaccinatie loont in perscentrum Nieuwspoort.

Onderzoekers, artsen, apothekers, beleidsmakers, vertegenwoordigers van zorgorganisaties, brancheorganisatie HollandBio en Kamerleden van D66, PvdA/GroenLinks, BBB, 50+ en Christenunie gaan onder leiding van organisator BNRA in gesprek over de rol van vaccinatie in de toekomst van de volksgezondheid. Ook Merel Langelaar, directeur van het Biodemedical Primate Research Centre (BPRC) neemt deel aan het gesprek. 

Nieuwe pandemieën zijn onvermijdelijk

Anja Schreijer, medisch directeur van het Pandemic and Disaster Preparedness Center van het Erasmus MC, schetst de lange geschiedenis van infectieziektebestrijding. Infecties bestaan al zolang mensen bestaan, maar de manier waarop samenlevingen ermee omgaan verandert voortdurend: van quarantaine en isolatie tot hygiëne, antibiotica en uiteindelijk vaccinaties.

Ze maakt zich zorgen over de dalende vaccinatiegraad in Nederland, die sinds corona verder afneemt. Volgens Anja Schreijer nemen de risico’s op nieuwe uitbraken eerder toe dan af. Wereldwijde reisbewegingen, bevolkingsgroei, klimaatverandering en intensief contact tussen mens en dier vergroten de kans op nieuwe infectieziekten. ”Het is niet de vraag óf we opnieuw met een grote uitbraak te maken krijgen, maar wanneer.” 

Daarbij zijn vaccins één van de belangrijkste instrumenten om ernstige ziekte en maatschappelijke ontwrichting te voorkomen. Vaccinatieprogramma’s hebben de afgelopen vijftig jaar wereldwijd 154 miljoen levens gered. Alleen al door de COVID-vaccinatie zijn er in Europa volgens de WHO ongeveer 1,6 miljoen mensenlevens gered. “Een blauwdruk om een volgende pandemie aan te pakken hebben we al, nu moet er nog financiering voorkomen.”

Een complex vaccinatiestelsel

Het Nederlandse vaccinatiestelsel is complex georganiseerd, laat Helen Siers, arts infectieziektebestrijding, zien aan de hand van schema’s. Veel partijen beslissen mee over de introductie van nieuwe vaccins. Zo gaf de Gezondheidsraad al in 2019 groen licht voor de introductie van het gordelroosvaccin voor ouderen, maar wordt het vaccin pas vanaf 2027 programmatisch aangeboden en voorlopig alleen aan zestigplussers. “Als je het zelf wil halen, betaal je 500 euro.’’ 

Vaccins worden via verschillende routes aangeboden: via het Rijksvaccinatieprogramma, via medische indicaties, via reisvaccinaties of op eigen verzoek van mensen. Daarnaast spelen verschillende organisaties een rol in de uitvoering, zoals huisartsen, GGD’en en ziekenhuizen. Dat maakt het systeem complex en soms onoverzichtelijk, vindt Helen Siers.

De Raad voor Volksgezondheid en Samenleving noemde het vaccinatiestelsel eerder in een rapport ‘een lappendeken’. Helen Siers stelt dat het nog ingewikkelder ligt. “Eigenlijk zijn het allemaal losse lappen die nog beter met elkaar verbonden moeten worden.” Dat maakt het moeilijk om nieuwe vaccins snel in te voeren of programma’s uit te breiden. “De uitdaging is hoe we alle betrokken partijen bij elkaar krijgen.”

Weinig geld voor preventie

Gezondheidseconoom en hoogleraar Sustainable Health & Innovation aan het UMCG Cornelis Boersma gaat in op de economische kant van vaccinatie. Volgens hem wordt preventie nog te vaak beoordeeld op kosten binnen de gezondheidszorg. Terwijl infectieziekten ook grote maatschappelijke en economische gevolgen hebben.

Tijdens de COVID-pandemie werd duidelijk hoe groot die impact kan zijn. Toch blijft het aandeel van preventie in de zorguitgaven relatief klein. “We zijn na COVID nu al vergeten dat we ook moeten kijken naar de maatschappelijke impact van vaccinatie.”

Volgens hem moet vaccinatie breder worden beoordeeld, bijvoorbeeld door ook effecten op productiviteit, economie en maatschappelijke veerkracht mee te nemen. “Nederland investeert relatief weinig in vaccinatie: maar 0,1 tot 0,2 procent van de gezondheidsuitgaven. Terwijl een vaccinatie gemiddeld 19 keer zijn waarde oplevert.” Als voorbeeld noemt hij de vaccinaties tegen griep en COVID. Als de vaccinatiegraad bij ouderen in Nederland op 90 procent zou liggen, zou het aantal ziekenhuisopnames en huisartsbezoeken door griep en COVID meer dan halveren. 

‘We hebben een goed systeem, maar er is geen geld’

Ted van Essen, voorzitter van de Nederlandse Immunisatie Stichting, sluit aan bij het verhaal van Boersma met een kritische observatie. “Nederland heeft een goed georganiseerd systeem van infectieziektebestrijding, maar we hebben er eigenlijk niets voor over.”

Van Essen wijst er ook op dat Nederland wel een uitgebreid Rijksvaccinatieprogramma heeft voor kinderen tot 18 jaar, maar dat er geen vergelijkbaar nationaal programma bestaat voor volwassenen en ouderen. Ook ontbreekt een duidelijke doelstelling voor de vaccinatiegraad bij ouderen, terwijl internationale organisaties zoals de WHO die wel hanteren.

Hij denkt dat andere zorgverleners dan huisartsen kunnen helpen om vaccinaties beter toegankelijk te maken. Apothekers kunnen bijvoorbeeld vaccineren, zoals in veel andere Europese landen al gebeurt. Namens de Vereniging Jonge Apothekers laat bestuurslid Maxima Tjioe weten het daar roerend mee eens te zijn. 

De keten begint in het laboratorium

Het politieke ontbijt eindigt met een discussie. Tijdens de discussie benadrukt Merel Langelaar, directeur van biomedisch onderzoekscentrum BPRC, dat vaccinatiebeleid niet alleen gaat over uitvoering of financiering. Volgens haar begint de keten veel eerder. ”Het verhaal begint vaak bij een werkzaam vaccin dat op de markt komt,” zegt Langelaar. ”Maar in mijn ogen begint het veel eerder: in het laboratorium, bij het onderzoek dat nodig is om zo’n vaccin überhaupt te ontwikkelen.”

Dat onderzoek vormt de basis van de hele keten van infectieziektebestrijding, benadrukt ze. Zonder fundamenteel en preklinisch onderzoek kan uiteindelijk geen enkel vaccin veilig en effectief worden ontwikkeld. Ze waarschuwt dat die onderzoeksfase onder druk kan komen te staan als er minder aandacht en investeringen zijn in biomedisch onderzoek. ”Er is geen producent die een vaccin op de markt brengt als hij zich afvraagt of het misschien wel of misschien niet werkt.”

Samen werken aan preventie

Tijdens de bijeenkomst stellen verschillende aanwezigen vragen over hoe preventie meer structurele aandacht kan krijgen in het zorgbeleid. Kamerlid Marc Vervaart (D66) vraagt waarom investeren in vaccinatie en preventie al jaren moeilijk blijkt, terwijl bekend is dat het op lange termijn gezondheidswinst en economische voordelen oplevert.

De discussie die volgt, laat zien dat de uitdagingen niet alleen liggen in wetenschappelijk onderzoek of beleid, maar ook in samenwerking tussen verschillende partijen en in structurele financiering. Volgens de sprekers is vaccinatie een van de belangrijkste instrumenten om toekomstige uitbraken te voorkomen. Merel Langelaar vat het mooi samen: “Juist daarom vraagt infectieziektebestrijding om blijvende investeringen: van fundamenteel onderzoek tot uitvoering in de praktijk.”