Home Nieuws Samen voorkomen we een vogelgrieppandemie

Samen voorkomen we een vogelgrieppandemie

Geplaatst op 8-4-2026 , in categorie Onderzoek, Nieuws
nb gk lab

Vogelgriep rukt wereldwijd op. Steeds vaker duikt het virus naast vogels op bij zoogdieren. In de Verenigde Staten is een variant inmiddels overgesprongen op koeien en er zijn ook mensen ziek geworden. Hoe goed zijn we voorbereid op een vogelgrieppandemie? Om die vraag te kunnen beantwoorden en beter voorbereid te zijn op nieuwe uitbraken, doen we bij het BPRC onderzoek naar griepvirussen en nieuwe vaccins. Daarbij werken we samen met Kling Biotherapeutics.  

Omdat dat onder bepaalde veiligheidsvoorwaarden moet gebeuren, vindt een deel van het werk in hun lab plaats en is deze samenwerking opgezet. De resultaten komen daarna weer terug naar het BPRC, waar we ze verder analyseren. 

Onze viroloog Gerrit Koopman geeft uitleg over hoe het allemaal in zijn werk gaat. “De huidige griepvaccins werken onvoldoende”, zegt hij. “Ze zijn heel specifiek gericht op bepaalde virusstammen, waardoor je maar net mazzel moet hebben dat precies de stam rondgaat waarvoor het vaccin is gemaakt.’’  

Dat probleem speelt bij seizoensgriep, maar wordt nog duidelijker bij varianten zoals vogelgriep. Hoewel deze virussen verschillend zijn, behoren ze tot dezelfde influenzafamilie en juist daar zit de uitdaging. 

Huidige griepvaccins beschermen vooral tegen virusvarianten die op dat moment circuleren. “Idealiter wil je dat een vaccin beschermt tegen wat er nu rondgaat en wat eraan komt, maar ook tegen zeldzamere varianten zoals vogelgriep. Dat is nu vaak niet het geval.’’  

De vogelgriep 

Vogelgriep is een voorbeeld van een griepvariant waarvoor momenteel niet routinematig wordt gevaccineerd. “Wat veel mensen niet weten, is dat ook wij ziek kunnen worden van deze griepvorm”, vertelt Gerrit. 

“In Amerika gaat een variant rond die in koeien terecht is gekomen. Het verspreidt zich vooral via melk en heeft zo al verschillende boeren ziek gemaakt. Gelukkig zijn zij er goed vanaf gekomen. Voor een aantal katten was dit niet het geval. Die zijn overleden na het drinken van besmette melk.” 

Gerrit kijkt peinzend voor zich uit. “Het is gewoon wel een potentiële bedreiging.” 

Hoe beschermd zijn we? 

Dat er nu niet wordt gevaccineerd tegen de vogelgriep, betekent niet dat er helemaal geen bescherming is, legt Gerrit uit. “Er zijn publicaties die laten zien dat mensen soms al beperkte afweer hebben tegen vogelgriep. Waarschijnlijk doordat het virus lijkt op andere griepvirussen.”  

Die bescherming is nog zwak, maar kan wel helpen om sneller te reageren bij besmetting. Ook liggen er al vaccins klaar voor noodsituaties. “Maar die zijn weer heel specifiek gericht op één variant. Het blijft dus afhankelijk van de variant die uitbreekt of ze werken.” 

Gerrit vervolgt: “Vogelgriep is een groeiend gevaar en we willen een volgende pandemie natuurlijk voorkomen. Daarom is het heel belangrijk dat er een vaccin komt dat breder beschermt. Om dit te onderzoeken maken wij gebruik van onze biobank. Daarin zit materiaal uit eerdere studies met apen die zijn blootgesteld aan griep, via vaccinatie of infectie.”  

Onderzoek met materiaal uit de biobank 

Gerrit legt uit dat door gebruik te maken van bloedcellen en lymfekliercellen uit deze biobank geen nieuwe dierproeven nodig zijn. Tegelijkertijd kunnen onderzoekers nagaan hoeveel bescherming infectie of vaccinatie met het ‘normale’ griepvirus biedt tegen vogelgriep. 

Daarnaast is er onderzoek gedaan met vogelgriep zelf, waardoor weefselmonsters beschikbaar zijn. “Door de afweerreactie op gewone griep te vergelijken met die op vogelgriep, kunnen we precies zien waar de verschillen zitten en wat nodig is voor betere bescherming.” 

Onderzoekers kijken daarbij heel specifiek naar afweercellen, zogeheten B-cellen, die antistoffen maken tegen het virus. Met nieuwe technieken kunnen ze precies zien welke B-cellen reageren, ook als die toevallig óók reageren op vogelgriep.  

Antistoffen 

Door deze cellen te bestuderen, wordt duidelijk welke antistoffen ons lichaam aanmaakt en op welk deel van het virus die zich richten. Juist dat stukje van het virus kan later gebruikt worden bij het ontwikkelen van nieuwe vaccins. 

“Uiteindelijk hopen we een vaccin te kunnen maken dat heel breed kan beschermen tegen griepvirussen.” Zelf vertrouwt Gerrit er wel op dat dit ooit gaat lukken. “Wel hebben we elkaar hierbij nodig. Daarom zijn wij de samenwerking met Kling Biotherapeutics aangegaan.” 

Samenwerking met Kling Biotherapeutics 

“Waarom we samenwerken met Kling Biotherapeutics is eigenlijk heel simpel”, vertelt Gerrit. “Als we weefsel infecteren met vogelgriep, brengt dat risico’s met zich mee. Daardoor zijn we verplicht om in een level-3-laboratorium te werken. En we hebben zelf wel een level-3-lab, maar de apparatuur die we nodig hebben voor deze studie staat in ons level-2-lab.” 

Dit deel van het onderzoek vindt daarom plaats in het laboratorium van Kling Biotherapeutics. “Zij sturen vervolgens de antistoffen die ze hebben gevonden uit het eerste deel van het onderzoek naar ons op, zodat we die hier verder kunnen onderzoeken in het lab. Zo gaan we samen op zoek naar een passend en breder inzetbaar vaccin.”